Vreemdelingschap

Het regende toen ik hier aankwam. Johannesburg was helemaal overdekt. Het was een hele lange nacht.
ik zat op een stoel met een uitgezeten kussen. Stij met zere bilspieren liep ik Johannesburg luchthaven binnen. Ik vind het warm mensen om me hee doen jassen aan. Dan lange rijen voor de douane. Hier wam ik Heidi Baker en Haar man Roland tegen. Zij leiden Iris Ministries in Mosambiek. Duizende weeskinderen gevenzij onderdak en een voedingsprogramma voor vele daklozen.. Trin in Nederland heeft heel veel moeite gedaan om een boot voor hen te kopen zodat zij operaties kunnen uitvor=eren. Hazelippen enn staaroperaties op een boot. Vier artsen uit Ameriak hebben al ingewilligt om te komen helpen. Nu even een paar woorden in de voorbijgaan en dan naar de huur auto. Het regend pijpestelen als ik de weg op gaan naar Johannesburg. Alles lijkt weer anders door de regen. Het is even wennen om rechts te rijden.Dan komt de emoties weer naar boven. Vreemdeling zijn. Het is zo vertrouwd en toch weer elke keer vreemd. Gespreken met mijn zus en zwager vertrouwd dan praten zij over dingen die het afgelopen week hetnieuws domineerde in Zuid Afrika. Ik weet er niets van. Het Catshuis overleg zegt hen helemaal n iets. Ze kunnen niet geloven dat we praten over de NS die niet goed functioneerde. Dan naar mijn moeder, een vreemde plaats., een kamer, niets meer van haar meubels. Al het bekende uit haar omgeving is nu weg. Een mooi kamer een bedsprei een nieuwe woning.Sedert de beroerte heb ik haar niet gezien. Behoorlijk emotioneel is onze ontmoeting. Het is goed samen te huilen. Vreemde mensen om haar heen. :ieve verzorging. Steeds komt het vreemdelingschap zo naar voren. Mijn thuisland, maar ik mis een zekere aansluiting, weer voel ik die vreemdelingschap. Dat beleef ik ook ieder jaar in Nederland met Sinterklaas. Steeds meer ontdek ik wat het betekend. We zijn bijwoners op aarde, onze burgerschap is in de hemel. Hebr 11:13″In dat geloof zijn deze allen gestorven, zonder de beloften verkregen te hebben; slechts uit de verte hebben zij die gezien en begroet, en zij hebben beleden, dat zij vreemdelingen en bijwoners waren op aarde.” Altijd zullen we het houden een gevoel van vreemdelingschap totdat ook ons lichaam veranderd zal worden en wij een euwige huis ontvangen.